Terug naar boven

Jaarrekening

 

 

Voorwoord

Voor u ligt de jaarrekening van APG Groep waarin we in lijn met wet- en regelgeving verantwoording afleggen over 2020.

Geconsolideerde jaarrekening

Geconsolideerde balans per 31 december 2020

voor winstbestemming, in duizenden euro's

  31-12-2020 31-12-2019
ACTIVA
 
 
     
Vaste Activa
 
 
Immateriële vaste activa (1) 160.546 206.185
Materiële vaste activa (2) 22.744 22.466
Financiële vaste activa (3) 48.656 45.115
 
231.946
273.766
Vlottende activa
 
 
Vorderingen en overlopende activa (4) 304.233 311.737
Liquide middelen (5) 491.684 592.453
 
795.917
904.190
     
TOTAAL ACTIVA
1.027.863
1.177.956
     
PASSIVA
 
 
     
Groepsvermogen (6)
 
 
Eigen vermogen 631.317 764.020
Aandeel van derden in eigen vermogen 496 511
 
631.813
764.531
Voorzieningen
 
 
Belastinglatentie (7) - 1.832
Overige Voorzieningen (8) 79.651 82.933
 
79.651
84.765
     
Langlopende schulden (9)
10.911
10.911
     
Kortlopende schulden en overlopende passiva (10)
305.488
317.749
     
TOTAAL PASSIVA
1.027.863
1.177.956

Geconsolideerde winst- en verliesrekening 2020

In duizenden euro's

  2020 2019
Netto omzet
 
 
Beheervergoedingen (11) 741.066 712.655
Overige bedrijfsopbrengsten (12) 21.897 23.305
Verzekeringspremies (13) - 94.493
Beleggingsresultaten (14) - 113.816
     
Som der bedrijfsopbrengsten
762.963
944.269
     
Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten (15) 107.438 105.222
Personeelskosten (16) 424.429 414.038
Mutatie voorziening verzekeringsverplichtingen (17) - 80.241
Uitkeringen (18) - 82.584
Afschrijvingen op immateriele en materiele vaste activa (19) 54.852 55.629
Overige bedrijfskosten (20) 126.260 128.228
     
Som der bedrijfslasten
712.979
865.942
     
Bedrijfsresultaat
49.984
78.327
     
Rentebaten en soortgelijke opbrengsten (21)
1.672
2.924
     
Rentelasten en soortgelijke kosten (22)
4.378
6.349
     
Resultaat voor belastingen
47.278
74.902
     
Belastingen (23) -4.717 -6.405
Resultaat deelnemingen (24) -738 -15.070
     
Resultaat na belastingen
41.823
53.427
Aandeel derden in resultaat -1 -22
Nettoresultaat
41.822
53.405
 

Pro forma: Geconsolideerde winst- en verliesrekening 2020

(groepsresultaat 2019 exclusief Loyalis)

  2020 2019
Netto omzet
 
 
Beheervergoedingen (14) 741.066 712.655
Overige bedrijfsopbrengsten (15) 21.897 22.798
 
 
 
Som der bedrijfsopbrengsten
762.963
735.453
     
Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten (18) 107.438 98.810
Personeelskosten (19) 424.429 407.535
Afschrijvingen op immateriele en materiele vaste activa (22) 54.852 55.629
Overige bedrijfskosten (23) 126.260 119.751
     
Som der bedrijfslasten
712.979
681.725
     
Bedrijfsresultaat
49.984
53.728
     
Rentebaten en soortgelijke opbrengsten (24)
1.672
2.924
     
Rentelasten en soortgelijke kosten (25)
4.378
6.311
     
Resultaat voor belastingen
47.278
50.341
     
Belastingen (26) -4.717 -7.458
Resultaat deelnemingen (27) -738 -501
     
Resultaat na belastingen
41.823
42.382
Aandeel derden in resultaat -1 -22
Nettoresultaat
41.822
42.360

Geconsolideerd kasstroomoverzicht 2020

in duizenden euro's

  2020 2019
KASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN
 
 
     
Bedrijfsresultaat 49.983 78.326
Aanpassingen voor:    
- Afschrijvingen op immateriele en materiele vaste activa (19) 54.852 55.629
- Resultaat op de transactie Hyfen -1.454  
- Koersverschillen vreemde valuta -1.549  
- Netto beleggingen voor handelsdoeleinden - 40.628
- Mutaties werkkapitaal:    
- Toename vorderingen en overlopende activa (4) 7.496 -26.755
- Toename vorderingen uit herverzekering - -69.139
- Toename kortlopende schulden en overlopende passiva, gecorrigeerd voor vpb (10) -9.766 17.977
- Mutatie verzekeringsverplichtingen - 153.895
- Mutatie overige voorzieningen (8) -1.540 16.674
Kasstroom uit bedrijfsoperaties
98.022
267.235
     
Ontvangen interest 613 2.924
Betaalde interest -3.991 -6.349
Ontvangen dividend - -
Ontvangen vennootschapsbelasting - 303
Betaalde vennootschapsbelasting -9.014 -18.096
KASSTROOM UIT OPERATIONELE ACTIVITEITEN
85.630
246.017
     
KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN
 
 
Investeringen in vaste activa -9.885 -10.873
Desinvesteringen in vaste activa - 407
Uitgaven uit hoofde van kapitaalstortingen in niet geconsolideerde deelnemingen - -300
Verkoop van deelnemingen Loyalis - 436.180
Stand liquide middelen Loyalis 30 april - -169.238
Stand liquide middelen opgeheven entiteiten Loyalis - 1.905
Aankoop deelneming -600  
Aflossing lening u/g 1.457  
Aankoop van effecten -1.874  
Verkoop van effecten 924  
Kapitaalstorting in deelneming -300  
KASSTROOM UIT INVESTERINGSACTIVITEITEN
-10.278
258.081
     
KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN
 
 
Uitgekeerd dividend aan aandeelhouder van de vennootschap -83.000 -350.208
Uitgekeerd dividend aan houders van minderheidsbelangen - -29.792
Voorfinanciering vennootschapsbelasting u.h.v. verkoop Loyalis - 9.803
Kapitaalvermindering uitgekeerd aan aandeelhouders -90.000  
KASSTROOM UIT FINANCIERINGSACTIVITEITEN
-173.000
-370.197
     
Netto kasstroom
-97.648
133.901
Koers- en omrekenverschillen op geldmiddelen -3.121 42
MUTATIE LIQUIDE MIDDELEN
-100.769
133.943
     
Beginstand liquide middelen (7) 592.453 458.510
Eindstand liquide middelen (7) 491.684 592.453
MUTATIE LIQUIDE MIDDELEN
-100.769
133.943

Grondslagen voor financiële verslaggeving

 

Inleiding

Activiteiten
APG Groep NV (APG Groep) verzorgt als financiële dienstverlener bestuursadvisering, asset management, pensioenadministratie, pensioencommunicatie en werkgeversdiensten.

Groepsverhoudingen
In de geconsolideerde jaarrekening zijn alle groepsmaatschappijen betrokken. APG Groep is opgericht op 29 februari 2008, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 14099616 en gevestigd op Oude Lindestraat 70, 6411EJ te Heerlen

APG Groep NV is een structuurvennootschap en houdster van twee 100 procent dochters: APG DWS en Fondsenbedrijf NV en APG Asset Management NV. Daarnaast heeft APG Groep een direct belang van 76% in Entis Holding BV.
APG Groep heeft een aantal indirecte kapitaalbelangen. De volledige structuur blijkt uit de lijst van kapitaalbelangen. Deze is als onderdeel van de toelichting op de enkelvoudige jaarrekening op pagina 118 opgenomen.

APG DWS en Fondsenbedrijf
APG DWS en Fondsenbedrijf is verantwoordelijk voor de bestuursadvisering, pensioenadministratie en pensioencommunicatie voor de opdrachtgevende fondsen (pensioenfondsen, vut- en sociale fondsen) in de publieke en de private sector.

APG Asset Management
APG Asset Management is verantwoordelijk voor het asset management. APG is een lange termijn pensioengeldbelegger, daarbij hoort een duurzaam beleggingsbeleid. De uitvoering daarvan maakt integraal onderdeel uit van het asset management proces.

APG Groep heeft twee aandeelhouders, Stichting Pensioenfonds ABP (ABP) voor 92,16 procent en Stichting Sociaal Fonds Bouwnijverheid (Stichting SFB) voor 7,84 procent.

Continuïteit
Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. Vanuit bedrijfseconomisch perspectief zijn de Covid-19 risico’s voor de APG organisatie klein doordat de dienstverlening aan klanten volledig kan worden gecontinueerd. Daarnaast is het kredietrisico van de belangrijkste klanten relatief beperkt en is veelal sprake van prijsafspraken die onafhankelijk zijn van ontwikkelingen op de financiele markten.

Algemeen

De jaarrekening heeft betrekking op het boekjaar 2020 dat is geëindigd op balansdatum 31 december 2020 en is opgesteld op basis van in Nederland algemeen aanvaarde grondslagen voor financiële verslaggeving en de wettelijke bepalingen inzake de jaarrekening, zoals opgenomen in Titel 9 Boek 2 Burgerlijk Wetboek. Bij de inrichting van de enkelvoudige winst- en verliesrekening is artikel 2:402 Burgerlijk Wetboek toegepast. Hierdoor wordt in de enkelvoudige winst- en verliesrekening volstaan met het als afzonderlijke post vermelden van het resultaat uit deelnemingen en het overige resultaat na aftrek van belastingen. De bedragen in de jaarrekening zijn in duizenden EUR, tenzij anders vermeld.

Vergelijking met voorgaand jaar
De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar. Ten behoeve van het inzicht en de vergelijkende cijfers worden de grondslagen met betrekking tot de verzekeringsactiviteiten dit boekjaar nog gehandhaafd. Om inzicht te geven in de structurele effecten van de verkoop op de cijfers van APG Groep NV is in de jaarrekening 2020 direct na de geconsolideerde winst- en verliesrekening een pro forma geconsolideerde winst- en verliesrekening (2019 cijfers exclusief Loyalis en de incidentele effecten als gevolg van de verkoop van Loyalis) opgenomen. 

Schattingen
Bij het opstellen van de jaarrekening is het maken van schattingen onvermijdelijk. Schattingen van management hebben hoofdzakelijk betrekking op goodwill, client contracten en voorzieningen. Indien sprake is van een schattingswijziging wordt dit in de toelichting bij het betreffende onderdeel van de jaarrekeningpost vermeld.

Grondslagen voor de consolidatie
Kapitaalbelangen in entiteiten waarin APG Groep overheersende zeggenschap kan uitoefenen ter zake van bestuur en financieel beleid, zijn in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen door toepassing van de integrale methode van consolideren. Intercompany transacties en onderlinge financiële verplichtingen worden daarbij geëlimineerd. Bij nieuw verworven deelnemingen wordt vanaf de overnamedatum de resultaten en de identificeerbare activa en passiva van de overgenomen entiteiten opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening. De overnamedatum is het moment dat overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend op de betreffende entiteit. De entiteiten die in de consolidatie betrokken zijn, blijven in de consolidatie opgenomen totdat APG overheersende zeggenschap verliest. Deconsolidatie vindt plaats op het moment dat de beslissende zeggenschap wordt overgedragen. De betreffende vennootschap wordt alsdan als financieel vast actief gepresenteerd.

Een lijst van geconsolideerde entiteiten is opgenomen als onderdeel van de toelichting op de enkelvoudige jaarrekening. Joint ventures worden niet geconsolideerd, deze zijn opgenomen onder de financiële vaste activa. Waarderingsgrondslagen van groepsmaatschappijen worden waar nodig gewijzigd om aansluiting te krijgen bij de geldende waarderingsgrondslagen van APG Groep.

Als verbonden partij worden aangemerkt alle entiteiten waarover APG Groep overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis uitoefent. Ook entiteiten die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen op APG Groep worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire leden van de raad van bestuur, alsmede andere sleutelfunctionarissen in het management van APG Groep zijn verbonden partijen.

Verwerking
Een actief of verplichting wordt in de balans opgenomen op het moment dat contractuele rechten of verplichtingen ontstaan ten aanzien van dat instrument. Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer de toekomstige economische voordelen waarschijnlijk naar de vennootschap zullen vloeien en de waarde van het actief betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer de afwikkeling daarvan waarschijnlijk gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Een actief of verplichting wordt niet langer in de balans opgenomen als een transactie ertoe leidt dat (nagenoeg) alle rechten op economische voordelen dan wel risico’s met betrekking tot het actief of de verplichting aan een derde zijn overgedragen.

Opbrengsten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen wanneer een vermeerdering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermeerdering van een actief of een vermindering van een verplichting, heeft plaatsgevonden en de omvang daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Kosten worden verwerkt wanneer een vermindering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermindering van een actief of een vermeerdering van een verplichting heeft plaatsgevonden en de omvang daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Valuta-omrekening
Monetaire activa en passiva en niet-monetaire activa en passiva in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta tegen de koers per balansdatum. De uit de afwikkeling en omrekening voortvloeiende koersverschillen komen ten gunste of ten laste van de winst- en verliesrekening, tenzij hedge-accounting wordt toegepast. Goodwill die volgens de verkrijgingsprijs wordt gewaardeerd in een vreemde valuta wordt omgerekend tegen de wisselkoers op de transactiedatum.

Bij de consolidatie worden de balansen van groepsmaatschappijen waarvan de functionele valuta niet de euro is, omgerekend in euro's tegen de koers per balansdatum. Resultaatposten worden omgerekend tegen de gemiddelde koers gedurende het verslagjaar. Valutaverschillen inzake de waarde van bij de consolidatie betrokken groepsmaatschappijen zijn verwerkt in de reserve omrekeningsverschillen.

Financiële instrumenten
Financiële instrumenten omvatten investeringen in aandelen en obligaties, handels- en overige vorderingen, geldmiddelen, leningen en overige financieringsverplichtingen, afgeleide financiële instrumenten (derivaten), handelsschulden en overige te betalen posten.

In de jaarrekening zijn de volgende categorieën financiële instrumenten opgenomen: zakelijke waarden, vastrentende waarden, overige beleggingen, overige financiële verplichtingen en derivaten.

Financiële activa en financiële verplichtingen worden in de balans opgenomen op het moment dat contractuele rechten of verplichtingen ten aanzien van dat instrument ontstaan.
Een financieel instrument wordt niet langer in de balans opgenomen indien een transactie ertoe leidt dat alle of nagenoeg alle rechten op economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot de positie aan een derde zijn overgedragen. Financiële instrumenten (en afzonderlijke componenten van financiële instrumenten) worden in de geconsolideerde jaarrekening gepresenteerd in overeenstemming met de economische realiteit van de contractuele bepalingen. Presentatie vindt plaats op basis van afzonderlijke componenten van financiële instrumenten als financieel actief, financiële verplichting of als eigen vermogen. In financiële en niet-financiële contracten kunnen afspraken zijn gemaakt die voldoen aan de definitie van derivaten. Een dergelijke afspraak wordt afgescheiden van het basiscontract en als derivaat verwerkt als zijn economische kenmerken en risico’s niet nauw verbonden zijn met de economische kenmerken en risico’s van het basiscontract, een afzonderlijk instrument met dezelfde voorwaarden zou voldoen aan de definitie van een derivaat, en het samengestelde instrument niet wordt gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en-verliesrekening.

In contracten besloten financiële instrumenten die niet worden gescheiden van het basiscontract, worden verwerkt in overeenstemming met het basiscontract.

Van het basiscontract gescheiden derivaten worden, in overeenstemming met de waarderingsgrondslag voor derivaten waarop geen kostprijs hedge accounting wordt toegepast, gewaardeerd tegen kostprijs of lagere reële waarde.

Afgeleide financiële instrumenten en hedge accounting
Afgeleide financiële instrumenten worden gewaardeerd tegen kostprijs of lagere marktwaarde, tenzij hedge accounting wordt toegepast. APG Groep heeft ter afdekking van het valutarisico over de verwachte toekomstige uitgaande kassstromen in vreemde valuta van de buitenlandse dochters valutatermijncontracten afgesloten. Deze valutatermijncontracten worden tegen kostprijs gewaardeerd waarbij de methodiek van kostprijshedge accounting wordt toegepast. Zolang de afgedekte post onder kostprijshedge accounting nog niet in de balans wordt verwerkt, wordt het hedge-instrument niet geherwaardeerd. Indien sprake is van een ineffectief deel (het verlies) van de hedgerelatie, wordt dit deel in de winst- en verliesrekening verwerkt. Interne derivaten uit hoofde van back-to-back agreements tussen APG Groep en APG Asset Management worden op basis van kostprijs of lagere marktwaarde in de enkelvoudige jaarrekening van APG Groep verantwoord.

Waarderingsverschillen die optreden bij de waardering van de valutatermijncontracten die worden aangemerkt als afdekking van de netto-investering in buitenlandse dochtermaatschappijen, worden direct in de reserve omrekeningsverschillen als onderdeel van het eigen vermogen verwerkt, voor zover de afdekking effectief is. Het niet-effectieve deel wordt in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Hedge accounting

Bij het toepassen van kostprijs hedge-accounting is de eerste waardering en de grondslag van verwerking in de balans en de resultaatbepaling van het hedge-instrument afhankelijk van de afgedekte post. Indien de afgedekte post tegen kostprijs in de balans wordt verwerkt, wordt ook het derivaat tegen kostprijs gewaardeerd.
Indien afgeleide instrumenten aflopen of worden verkocht, wordt de cumulatieve winst die of het cumulatieve verlies dat tot dat moment nog niet in de winst-en-verliesrekening was verwerkt, als overlopende post in de balans opgenomen, totdat de afgedekte transacties plaatsvinden. Indien de transacties naar verwachting niet meer plaatsvinden, wordt de cumulatieve winst of het cumulatieve verlies overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening.

APG Groep heeft haar hedgingstrategie schriftelijk vastgelegd. De beoordeling of de afgeleide financiële instrumenten gebruikt bij hedge accounting effectief zijn in het verrekenen van valutaresultaten van de afgedekte posten, zijn schriftelijk vastgelegd met gebruikmaking van generieke documentatie. Hedgerelaties worden beëindigd als de respectievelijke afgeleide instrumenten aflopen of worden verkocht.
Tenminste op elk formeel rapportagemoment alsmede op inceptie van de hedgerelatie, voert APG Groep een kwantitatieve effectiviteitstoets uit. 

Risicoparagraaf

APG Groep als uitvoerder krijgt ten aanzien van de financiële geldstromen en financiële posities te maken met risico’s die de financiële stabiliteit kunnen beïnvloeden. Het betreffen liquiditeitsrisico’s, krediet- c.q. tegenpartijriscio’s, concentratierisico’s en het rente- en valutarisico’s. Om de risico’s zo veel als mogelijk in te perken kent APG Groep een risicomijdend beleid, waarbij kapitaalbehoud voorop staat. Er zijn voorwaarden gesteld aan het bij overliquiditeit uitzetten van gelden bij externe partijen en het aantrekken van gelden.

Liquiditeitsrisico
APG Groep bewaakt de liquiditeitspositie door middel van opvolgende liquiditeitsbegrotingen. Het management ziet erop toe dat de onderneming steeds voldoende liquiditeiten beschikbaar heeft om aan de verplichtingen te kunnen voldoen. Hierbij wordt tevens rekening gehouden met de liquiditeitsvereisten door de toezichthouders. Een tijdelijk overschot aan liquide middelen wordt onder toepassing van de risicobeperkende voorwaarden kort uitgezet op de geldmarkt, waarbij een eventueel hoofdsomrisico bij afloop van de uitzettingsperiode volledig is uitgesloten door de tegenpartij.

Krediet-/tegenpartijrisico
Het risico dat de tegenpartij of kredietnemer de contractuele verplichtingen niet kan nakomen wordt ingeperkt door het toetsen van de kredietwaardigheid van de tegenpartij aan de hand van de creditratings van credit agencies. Hierbij geldt als norm dat de tegenpartij minimaal een A-score heeft, hetgeen betekent dat de partij zeer kredietwaardig is.

Concentratierisico
Uit hoofde van risicospreiding wordt maximaal 20 procent van de totale liquiditeitsportefeuille bij een partij aangehouden. In 2020 is dit maximum van 20 procent per jaareinde licht overschreden, te weten 20,7% bij ABN en 20,4% bij ING. APG Groep loopt een concentratierisico als het afhankelijk is van de dienstverlening aan één klant. Voor APG Groep is er sprake van een concentratierisico gezien het relatieve belang van de grootste klant. Dit risico wordt gemitigeerd door in continue dialoog met de grootste klant invulling te geven aan het strategisch partnership en het voeren van actief stakeholdermanagement.

Renterisico
Het renterisico is het risico dat het saldo van de waarden beleggingen verandert als gevolg van veranderingen in marktrentes. Aangezien APG Groep geen obligaties en aandelen heeft en geen leningen met variabele rentes aanhoudt, is het renterisico verwaarloosbaar.

Valutarisico
APG Groep heeft ter afdekking van ongunstige fluctuaties in valutawisselkoersen, voor de verwachte toekomstige uitgaande kasstromen in vreemde valuta van de buitenlandse dochters, valutatermijncontracten afgesloten. Deze valutatermijncontracten worden tegen kostprijs gewaardeerd waarbij de methodiek van kostprijshedge accounting wordt toegepast.

Prijsrisico
APG Groep heeft geen directe beleggingen, derhalve is het prijsrisico nihil ultimo 2020.

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva

Algemeen

De cijfers over 2019 zijn geherrubriceerd teneinde vergelijkbaarheid met 2020 mogelijk te maken. Het betreft verdere uitsplitsingen binnen de categorie vlottende activa en vlottende passiva.  

Vaste activa

Immateriële vaste activa (1)
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs dan wel vervaardigingsprijs onder aftrek van lineaire afschrijvingen. De afschrijvingstermijn is gebaseerd op de verwachte economische levensduur. Op iedere balansdatum wordt beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien er indicaties aanwezig zijn dat de realiseerbare waarde (in termen van hoogste van bedrijfswaarde en opbrengstwaarde) lager is dan de boekwaarde vindt een bijzondere waardevermindering plaats ten laste van de winst- en verliesrekening en wordt dit toegelicht. Terugnemingen van eerdere waardeverminderingsverliezen worden eveneens verwerkt via de winst- en verliesrekening. Een bijzonder waardeverminderingsverlies voor goodwill wordt niet teruggenomen in een volgende periode.

Bij acquisitie van een onderneming worden alle identificeerbare activa en passiva van de desbetreffende onderneming in de balans opgenomen tegen de reële waarde op acquisitiedatum, tenzij het een ‘common control’ transactie betreft (common control transacties betreffen aan- of verkopen van aandelen in groepsmaatschappijen, deze worden verantwoord tegen boekwaarde). De overnameprijs bestaat uit het geldbedrag of equivalent dat is overeengekomen voor de verkrijging van de overgenomen onderneming. Ontstane goodwill wordt bij eerste opname gewaardeerd tegen het verschil tussen de overnameprijs en (het aandeel in) de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva.

Onderzoekskosten worden verwerkt in de winst-en-verliesrekening. Uitgaven voor ontwikkelingsprojecten worden geactiveerd als onderdeel van de vervaardigingsprijs als het waarschijnlijk is dat het project commercieel en technisch succesvol zal zijn (dat wil zeggen: als het waarschijnlijk is dat economische voordelen zullen worden behaald) en de kosten betrouwbaar kunnen worden vastgesteld. Voor de geactiveerde ontwikkelingskosten is een wettelijke reserve onder het eigen vermogen gevormd ter hoogte van het geactiveerde bedrag. De afschrijving van de geactiveerde ontwikkelingskosten vangt aan zodra de commerciële productie is gestart en vindt plaats over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief.

Materiële vaste activa (2)
Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs onder aftrek van lineaire afschrijvingen of tegen lagere bedrijfswaarde. Afschrijving vindt plaats op basis van de verwachte gebruiksduur, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Op iedere balansdatum wordt beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien er indicaties aanwezig zijn dat de realiseerbare waarde (in termen van hoogste van bedrijfswaarde en opbrengstwaarde) lager is dan de boekwaarde vindt een bijzondere waardevermindering plaats ten laste van de winst- en verliesrekening en wordt dit toegelicht. Terugnemingen van eerdere waardeverminderingsverliezen worden eveneens verwerkt via de winst- en verliesrekening.

Financiële vaste activa (3)
Leningen uitgeleende gelden (u/g) worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Na eerste verwerking worden leningen u/g gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, op basis van de effectieve-rentemethode. Bij afwezigheid van agio en disagio is dit de nominale waarde.

Deelnemingen worden gewaardeerd tegen nettovermogenswaarde. Deze waardering stopt zodra deze nettovermogenswaarde nihil of lager is geworden. Indien ten dele of geheel ingestaan wordt voor de schulden van deelnemingen, of een feitelijke verplichting bestaat om deelnemingen financieel te ondersteunen, wordt hiervoor een voorziening gevormd. Deelnemingen waarin APG Groep geen invloed van betekenis kan uitoefenen worden opgenomen onder de financiële vaste activa en gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde.

Latente belastingvorderingen, inclusief vorderingen die voortkomen uit verliescompensatie, worden in de balans opgenomen voor zover het waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winsten zijn waarmee tijdelijke verschillen en niet-gecompenseerde fiscale verliezen kunnen worden verrekend. Bij de berekening wordt rekening gehouden met in komende jaren geldende tarieven, voor zover deze al zijn vastgesteld. Waardering vindt plaats tegen nominale waarde. Voor zover de latente belastingvordering een kortlopend karakter heeft, wordt deze opgenomen onder de vorderingen en overlopende activa.

Op iedere balansdatum wordt beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een financieel vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien er indicaties aanwezig zijn dat de realiseerbare waarde van de financiële vaste activa duurzaam lager is dan de boekwaarde vindt een bijzondere waardevermindering plaats en wordt dit toegelicht.

Vlottende activa

Vorderingen en overlopende activa (4)
Vorderingen en overlopende activa worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Na eerste verwerking worden vorderingen gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Deze waarde komt doorgaans overeen met de nominale waarde onder aftrek van een eventuele voorziening voor het risico van oninbaarheid.

Liquide middelen (5)
Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Groepsvermogen (6)

Het eigen vermogen wordt in de toelichting in de enkelvoudige jaarrekening nader toegelicht.

Voorzieningen

Algemeen

Voorzieningen betreffen verplichtingen of verliezen waarvan het waarschijnlijk is dat zij moeten worden afgewikkeld respectievelijk genomen, waarvan de omvang betrouwbaar is te schatten en in rechte afdwingbaar. De omvang van de voorziening wordt bepaald door schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichtingen en verliezen per balansdatum af te wikkelen en worden, voor zover langlopend, gewaardeerd tegen de contante waarde van de verwachte toekomstige uitgaven. De rekenrente is gebaseerd op de rentevoet ultimo jaar van hoogwaardige Nederlandse ondernemingsobligaties, rekening houdend met de resterende looptijd van de voorzieningen.

Belastinglatentie (7)
Onder de voorziening belastinglatentie zijn de uitgestelde belastingverplichtingen opgenomen die voortvloeien uit (tijdelijke) verschillen tussen commerciële en fiscale vermogens. Bij de berekening is rekening gehouden met tarieven die gelden voor komende jaren, voor zover deze al zijn vastgesteld. Waardering vindt plaats tegen nominale waarde. Voor zover de belastinglatentie een kortlopend karakter heeft, is deze opgenomen onder de schulden. 

Overige voorzieningen (8)
Personeelsgerelateerde voorzieningen
Personeelsgerelateerde voorzieningen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. De voorziening voor ambtsjubilea is gewaardeerd tegen de contante waarde van de verwachte toekomstige uitgaven, voor zover relevant rekening houdend met actuariële grondslagen. Bij de berekening van de voorziening wordt onder meer rekening gehouden met verwachte salarisstijgingen en de blijfkans. De rekenrente is gebaseerd op de rentevoet ultimo jaar van hoogwaardige Nederlandse ondernemingsobligaties, rekening houdend met de resterende looptijd van de voorzieningen. 

Reorganisatievoorziening

De reorganisatie voorziening is gewaardeerd tegen nominale waarde.

Overige voorzieningen

De overige voorzieningen, waaronder de voorziening groot onderhoud, worden gevormd op basis van nominale waarde van de bedragen die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen en verliezen af te wikkelen. De toevoeging aan de voorziening voor groot onderhoud is bepaald op basis van het geschatte bedrag van het onderhoud en de periode die telkens tussen de werkzaamheden van groot onderhoud verloopt.

Langlopende schulden (9)

Langlopende schulden worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde. Na eerste verwerking worden de langlopende schulden gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Deze is gelijk aan de nominale waarde indien geen sprake is van transactiekosten.

Kortlopende schulden en overlopende passiva (10)

Kortlopende schulden en overlopende passiva worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde. Na eerste verwerking worden de kortlopende schulden en overlopende passiva gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Deze waarde komt doorgaans overeen met de nominale waarde.

 

Grondslagen voor resultaatbepaling

Algemeen

Opbrengsten, kosten en uitkeringen worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben.

Netto-omzet

Beheervergoedingen (11)
De vergoedingen van derden uit hoofde van de uitvoeringswerkzaamheden voor pensioenuitvoering en vermogensbeheer worden onder aftrek van eventuele kortingen toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben.

Overige bedrijfsopbrengsten (12)
De opbrengst van aan derden verleende overige diensten wordt verantwoord onder aftrek van kortingen en over de omzet geheven belastingen. Verantwoording van opbrengsten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten.

Verzekeringspremies (13)
De verzekeringspremies betreffen de op het boekjaar betrekking hebbende premies en koopsommen, inclusief de toevoeging aan de voorziening uit hoofde van de toegekende indexatie van de uitkeringen op basis van de polisvoorwaarden.
Met uitzondering van de premies voor nabestaandenpensioen (ANW) en overlijdensrisicoverzekering worden alle aan het boekjaar toerekenbare premies verwerkt. De vooruitontvangen premies ANW en overlijdensrisicoverzekering worden gedoteerd aan de voorziening onverdiende premies. Herverzekering betreft de overlijdensrisicoportefeuille en het Invaliditeits Pensioen Aanvullings Plan en bedraagt een percentage van de uitkeringen.

Beleggingsresultaten (14)
De beleggingsopbrengsten bestaan uit dividend op zakelijke waarden en renteopbrengsten van vastrentende waarden voor het boekjaar, waardemutaties van beleggingen en derivaten tegen reële waarde en boekresultaten bij verkoop van beleggingen en derivaten.
Dividend op beleggingen in zakelijke waarden wordt als bate verantwoord op de ex-dividenddatum. Rentebaten worden opgenomen in de periode waarop deze betrekking hebben.
Waardemutaties betreffen het verschil tussen enerzijds de boekwaarde aan het einde van het jaar dan wel de opbrengst bij verkoop gedurende het jaar en anderzijds de boekwaarde aan het einde van het voorgaande jaar dan wel de verkrijgingsprijs gedurende het jaar. 

Bedrijfslasten

Personeelskosten (16)
De opbrengst van lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de winst- en verliesrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan de werknemers. De pensioenregelingen worden op grond van de geldende pensioenovereenkomsten verwerkt volgens de verplichtingenbenadering; de over het verslagjaar verschuldigde pensioenpremies worden als last in de winst- en verliesrekening verwerkt.

Mutatie voorziening verzekeringsverplichtingen (17)
De voorziening verzekeringsverplichtingen bestaat uit de mutatie in de voorziening voor verzekeringsverplichtingen zoals die voortvloeit uit de wijze van waardering in de balans, alsmede op basis van de polisvoorwaarden toegekende indexatie als gevolg van de winstdeling.
Schadebehandelingskosten zijn hier niet inbegrepen en worden opgenomen onder de Bedrijfslasten.

Uitkeringen (18)
Uitkeringen zijn toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben.

Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa (19)
Afschrijvingen worden vanaf eerste ingebruikname verantwoord naar rato van de verwachte gebruiksduur rekening houdend met een eventuele restwaarde, volgens de lineaire methode.

Overige bedrijfskosten (20)
Bedrijfskosten zijn toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben.

Rentebaten en soortgelijke opbrengsten (21)

Rentebaten en soortgelijke opbrengsten worden aan het verslagjaar toegerekend, waar noodzakelijk wordt rekening gehouden met de effectieve rentevoet van de betreffende activa. De rentebaten betreffen de opbrengsten uit rekeningen courant en deposito’s, voor zover deze niet worden gerekend tot de beleggingsopbrengsten.

Rentelasten en soortgelijke kosten (22)

Rentelasten en soortgelijke opbrengsten worden aan het verslagjaar toegerekend, waar noodzakelijk wordt rekening gehouden met de effectieve rentevoet van de betreffende passiva.

Belastingen (23)

De belastingen over het resultaat worden berekend over het resultaat voor belastingen in de winst- en verliesrekening, rekening houdend met beschikbare, fiscaal compensabele verliezen uit voorgaande boekjaren (voor zover niet opgenomen in de latente belastingvorderingen) en vrijgestelde winstbestanddelen en na bijtelling van niet-aftrekbare kosten. Tijdelijke verschillen als gevolg van verschillen in commerciële en fiscale waardering worden tot uiting gebracht in (het verloop van) de latente belastingverplichting of -vordering.

Tevens wordt rekening gehouden met wijzigingen die optreden in de latente belastingvorderingen en latente belastingschulden uit hoofde van wijzigingen in het te hanteren belastingtarief.

Resultaat deelnemingen (24)

Het resultaat deelnemingen wordt bepaald op basis van de mutatie van de nettovermogenswaarde.

Leasing

Leasecontracten waarbij de economische voor- en nadelen niet voor rekening en risico van de vennootschap komen, worden als operational lease geclassificeerd en verwerkt. De leaseverplichtingen worden, rekening houdend met de ontvangen vergoeding van de lessor, lineair over de contractuele leaseperiode in de winst- en verliesrekening verwerkt. 

 

Grondslagen voor het kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode en geeft inzicht in de mutaties in de balanspost liquide middelen. Kasstromen in vreemde valuta zijn omgerekend tegen de gemiddelde koers.

Toelichting op de geconsolideerde balans

 

Vaste activa 

Immateriële vaste activa (1)
Onder de immateriële vaste activa zijn inbegrepen de bij de verwerving van ondernemingsactiviteiten en kapitaalbelangen berekende goodwill en de waarde van de bij deze verwerving geïdentificeerde cliëntcontracten en verzekeringsportefeuille. Verder is in deze post de aangekochte software begrepen.

Het verloop van deze posten is als volgt.

  Goodwill Client contracten Software Totaal 2020 Totaal 2019
           
Beginstand 101.534 99.687 4.964 206.185 251.832
Investeringen - - 931 931 1.550
Desinvesteringen - - - - -
Afschrijvingen -12.438 -31.480 -2.652 -46.570 -47.197
Eindstand
89.096
68.207
3.243
160.546
206.185
           
Cumulatieve aanschafwaarde 249.306 488.325 27.926 765.557 774.283
Cumulatieve afschrijvingen en waarde       - -
verminderingen -160.210 -420.118 -24.683 -605.011 -568.098
Boekwaarde
89.096
68.207
3.243
160.546
206.185
           
Afschrijvingspercentage 5-10% 5-10% 20-25%    
 

De economische levensduur van de immateriële vaste activa is behoudens aangekochte software gebaseerd op de periode waarover toekomstige economische voordelen uit hoofde van onderliggende contractafspraken met een lange looptijd worden genoten. Van de ultimo 2020 verantwoorde goodwill heeft € 89,1 miljoen (2019: € 101,5 miljoen) een resterende economische levensduur van circa 7 jaar. Van de ultimo 2020 verantwoorde cliëntcontracten heeft € 68,2 miljoen (2019: € 99,7 miljoen) een resterende economische levensduur van circa 2 jaar.

Ultimo 2020 heeft het bestuur geen aanwijzingen dat deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen.

Onder de software zijn immateriële vaste activa inbegrepen die reeds volledig afgeschreven zijn maar nog in gebruik zijn. Er zijn geen immateriële vaste activa met beperkte eigendomsrechten en er zijn geen immateriële vaste activa als zekerheid gesteld voor schulden. Tevens zijn er geen verplichtingen uit hoofde van de verwerving van immateriële vaste activa.

Materiële vaste activa (2)
De materiële vaste activa hebben betrekking op inrichting en inventaris, ICT, alsmede overige materiële vaste activa.

Het verloop van deze post is als volgt.

  Inrichting en inventaris ICT Overig Totaal 2020 Totaal 2019
           
Beginstand 7.194 11.098 4.174 22.466 21.948
Investeringen 4.013 4.302 768 9.083 9.324
Desinvesteringen - - - - -408
Afschrijvingen -1.547 -5.620 -1.115 -8.282 -8.432
Omrekeningsverschillen -142 -67 -314 -523 34
Eindstand
9.518
9.713
3.513
22.744
22.466
           
Cumulatieve aanschafwaarde 33.277 36.754 8.817 78.848 71.357
Cumulatieve afschrijvingen en waarde          
verminderingen -23.759 -27.041 -5.304 -56.104 -48.891
Boekwaarde
9.518
9.713
3.513
22.744
22.466
           
Afschrijvingspercentage <20% 20-25% 10%    
 
 

In de post Overig zijn onder andere verbouwingen aan huurpanden inbegrepen. Er zijn geen zekerheden verstrekt.

Financiële vaste activa (3)
De financiële vaste activa betreffen een actieve belastinglatentie als gevolg van afwijkende commerciële en fiscale waarderingen, deelnemingen die niet zijn geconsolideerd alsmede overige financiële vaste activa.

De lijst van niet in de consolidatie begrepen deelnemingen is opgenomen als onderdeel van de toelichting op de enkelvoudige jaarrekening op pagina 147.

Het verloop van deze posten is als volgt.

  Actieve belasting latentie Lening u/g Deelnemingen Overige effecten Totaal 2020 Totaal 2019
             
Beginstand 33.610 4.519 1.223 5.763 45.115 128.612
Overige mutaties Loyalis - - - - - -8.132
Vervallen consolidatie Loyalis - - - - - -73.317
Aankopen en verstrekkingen / dotaties 2.411 6 2.355 1.874 6.646 3.640
Verkopen en aflossingen - -1.463 - -928 -2.391 -1.680
Aandeel in het resultaat - - -735 - -735 -783
Waardeverandering - - - 1.029 1.029 1.218
Overige mutaties -29 -30 - - -59 -4.312
Omrekeningsverschillen -293 - - -656 -949 -131
Eindstand
35.699
3.032
2.843
7.082
48.656
45.115
 

De post deelnemingen betreft de deelnemingen Campus Heerlen Huisvesting B.V. en Campus Management & Development B.V. In 2020 heeft APG Groep NV een tweetal deelnemingen verworven. Dit betreft Hyfen B.V., een ontwikkeltak voor pensioenadministraties en Design Authority B.V. dat samen met derden is opgericht ten behoeve van het global SDI asset owner platform. Voor deze deelnemingen geldt dat er geen sprake is van overheersende zeggenschap en is gekozen om beide deelnemingen te waarderen tegen netto-vermogenswaarde.

De actieve belastinglatentie heeft voornamelijk betrekking op tijdelijke verschillen tussen de commerciële en fiscale waardering van de goodwill ontstaan uit de ontzaffing in 2008 (en overeengekomen met de belastingdienst). Hiervan wordt € 4 mln gerealiseerd in 2021.Voor tijdelijke waarderingsverschillen per balansdatum wordt een latentie belastingvordering dan wel -schuld gevormd. Indien sprake is van een latente belastingvordering wordt deze vordering opgenomen voor zover de verwachting is dat ten tijde van het uitlopen van de waarderingsverschillen waar de latente belastingvordering betrekking op heeft, het hiermee samenhangende fiscaal verlies binnen de daarvoor geldende termijnen verrekend kan worden met positieve resultaten. 

Vlottende activa

  31-12-2020 31-12-2019
Vorderingen en overlopende activa (4)
 
 
Debiteuren 14.125 22.232
Vorderingen op verbonden partijen 196.060 191.531
Nog te factureren bedragen 3.925 1.294
Belastingen en premies sociale verzekeringen 216 10.874
Vennootschapsbelasting 45.231 45.429
Cash collateral u.h.v. derivaten 5.282 -
Vooruitbetaalde bedragen 38.425 39.023
Overige vorderingen en overlopende activa 969 1.354
Totaal
304.233
311.737
 

De vorderingen op verbonden partijen hebben voornamelijk betrekking op de verrichte dienstverlening aan de fondsen voor gemene rekening uit hoofde van het vermogensbeheer door APG Groep. De fondsen voor gemene rekening betreffen beleggingsgemeenschappen waarin vermogen bijeen is gebracht door meerdere opdrachtgevers met gemeenschappelijke beleggingsdoelen en het beheer gevoerd wordt door APG Groep. In de kortlopende vorderingen heeft een bedrag van EUR 4,8 mln een looptijd langer dan een jaar. De waarde van de cash collateral van € 5,3 mln is ontstaan als gevolg van koersbewegingen van USD en HKD versus de Euro.

Onder de vorderingen zijn geen bedragen opgenomen (2019: nihil) met een resterende looptijd langer dan één jaar. Er zijn geen zekerheden verstrekt en er is geen rente ontvangen over de vorderingen.

  31-12-2020 31-12-2019
Liquide middelen (5)
 
 
Banktegoeden in rekening courant 321.684 377.453
Deposito's 170.000 215.000
Totaal
491.684
592.453
 

Van de liquide middelen staat een bedrag van € 8,0 miljoen (2019: € 7,2 miljoen) niet ter vrije beschikking in verband met lange termijn verplichtingen naar personeel.

Er zijn geen verdere zekerheden gesteld, noch aanvullende voorwaarden aangegaan. Gezien de aard van de deposito’s (kortlopend) is het renterisico zeer laag. De deposito’s zijn uitgezet bij kredietwaardige financiële instellingen. Om deze reden is het kredietrisico beperkt.

Groepsvermogen (6)

De samenstelling van het eigen vermogen van APG Groep wordt in de toelichting op de balans in de enkelvoudige jaarrekening nader toegelicht.

Kapitaal- en dividendbeleid
Door de verkoop van het verzekeringsbedrijf zijn de Solvency II verplichtingen voor APG Groep komen te vervallen. Dit gaf aanleiding om het kapitaal- en dividendbeleid te hervormen. Belangrijke uitgangspunten in het nieuwe beleid zijn: financiële stabiliteit, ruimte voor mogelijke strategische investeringen en een vereist rendement passend bij een maatschappelijk georiënteerde organisatie van 6,1%. Door middel van het nieuwe beleid wordt gestreefd naar het voorkomen van overkapitalisatie, aangezien dit niet bijdraagt aan het streven van APG naar het maximaliseren van pensioenwaarde. APG keert jaarlijks het resultaat plus afschrijving immateriële vaste activa onder aftrek van wijzigingen in het vereist vermogen uit.

Verloop groepsvermogen
Het verloop van het groepsvermogen alsmede inzicht in het totaalresultaat (groepsresultaat en rechtstreekse mutaties) is als volgt.

    2020   2019
         
Beginstand   764.531   1.090.283
Groepsresultaat na belastingen 41.822   53.405  
Omrekeningsverschillen buitenlandse deelneming -1.525   332  
Totaal resultaat   40.297   53.737
Uitgekeerd dividend in contanten -173.000   -380.000  
Mutatie aandeel van derden in eigen vermogen -15   511  
Totaal rechtstreekse mutaties in relatie met de aandeelhouders   -173.015   -379.489
Eindstand
 
631.813
 
764.531
 

Voorzieningen

Belastinglatentie (7)
De voorziening belastinglatentie vloeit hoofdzakelijk voort uit de afwijkende fiscale waardering van vaste activa. Deze belastinglatentie is niet meer langer noodzakelijk. 

  2020 2019
     
Beginstand 1.832 1.700
Dotatie - 132
Vrijval -1.795 -
Benutting -37 -
Eindstand
-
1.832
 


Overige voorzieningen (8)

Het verloop van de overige voorzieningen is als volgt.

  Personeels- gerelateerde voorzieningen Voorziening reorganisatie Overige voorzieningen Totaal 2020 Totaal 2019
           
Beginstand 37.386 43.097 2.450 82.933 75.832
Onttrekkingen Loyalis - - - - -457
Vervallen consolidatie Loyalis - - - - -10.087
Dotaties 12.062 13.810 - 25.872 31.344
Onttrekkingen -6.770 -12.887 - -19.657 -11.167
Vrijval -1.400 -8.050 - -9.450 -3.045
Omrekenverschillen -1.700   -43 -1.743 513
Overige mutaties 1.696 - - 1.696 -
Eindstand
41.274
35.970
2.407
79.651
82.933
 

Van het totaalbedrag heeft €19,9 miljoen (2019: € 32,1 miljoen) naar verwachting een looptijd langer dan vijf jaar. Naar verwachting komt € 11,7 miljoen in 2021 tot afwikkeling (2019: € 10,9 miljoen).

Personeelsgerelateerde voorzieningen

Deze voorziening is gevormd voor verplichtingen uit hoofde van lange termijn personeelsbeloningen (dienstjubilea, bonusplan) en een voorziening voor een hypotheekfaciliteit voor ex-medewerkers.

Voorziening reorganisatie

Deze voorziening is gevormd ter dekking van de reorganisatiekosten uit hoofde van de door de werkgever gefaciliteerde mogelijkheid tot vrijwillig vertrek en de boventalligheid analoog aan de stadia van veranderprogramma’s binnen de groep. In 2020 heeft een dotatie ad € 13,8 miljoen (2019: € 16,5 miljoen) plaatsgevonden. De vorming van deze reorganisatievoorziening vindt plaats op het moment dat er een gedetailleerd plan van de reorganisatie is geformaliseerd en dit kenbaar is gemaakt aan de betrokkenen. Onttrekkingen aan de voorziening vinden plaats op het moment dat de betreffende uitgaven uit hoofde van vrijwillig vertrek en boventalligheid plaatsvinden. In 2020 is gebleken dat de totale verwachte uitgaven voor reorganisatie lager zijn dan oorspronkelijk ingeschat, hetgeen heeft geresulteerd in een vrijval van € 8,1 miljoen (2019: € 1,9 miljoen).

Overige voorzieningen
De overige voorzieningen betreffen een voorziening voor groot onderhoud die is gevormd voor de toekomstige kosten van groot onderhoud.

Langlopende schulden (9) 

  31-12-2020 31-12-2019
     
Beginstand 10.911 10.911
Opgenomen - -
Aflossingen - -
Totaal
10.911
10.911
 

Van de eindstand heeft een bedrag van nihil betrekking op financiering door verbonden partijen (2019: nihil). Van de eindstand heeft € 10,9 miljoen een restlooptijd groter dan vijf jaar (2019: € 10,9 miljoen). Het rentepercentage is 7,25% per jaar (2019: 7,25% per jaar). Er zijn geen zekerheden gesteld. De reële waarde van de langlopende schulden bedraagt € 25,6 miljoen (2019: € 24,9 miljoen). De aflossing van de langlopende schulden vindt plaats aan het einde van de looptijd.  

Kortlopende schulden en overlopende passiva (10)

  31-12-2020 31-12-2019
     
Vooruitontvangen bedragen - 2.612
Vooruitgefactureerde bedragen 13.518 13.017
Crediteuren 2.109 990
Vakantiegeld en -dagen 26.348 22.466
Overige personeelsgerelateerde verplichtingen 39.985 37.463
Belastingen en premies sociale verzekeringen 26.121 31.678
Vennootschapsbelasting 449 730
Schulden aan verbonden partijen 153.409 165.239
Nog te betalen bedragen 10.595 12.501
Nog te ontvangen facturen 25.019 22.608
Schulden ter zake van pensioenen 1.275 1.297
Schulden betreffende derivaten - 129
Vooruitontvangen huurkorting 6.555 6.633
Overige schulden 105 386
Totaal
305.488
317.749
 

De schulden betreffende derivaten is een ontvangen cash collateral ter dekking van het afwikkelingsrisico van valutatermijncontracten. Deze zijn afgesloten om de toekomstige kosten van de activiteiten van de buitenlandse deelnemingen te financieren. Van de kortlopende schulden heeft € 6,6 miljoen een looptijd van langer dan 1 jaar (2019: € 6,6 miljoen).

Niet in de balans opgenomen verplichtingen en activa

Per balansdatum staat aan verplichtingen uit hoofde van lopende huurcontracten een bedrag van € 202,2 miljoen open (2019: € 157,6 miljoen), waarvan € 21,3 miljoen verschuldigd binnen één jaar (2019: € 22,0 miljoen), € 86,5 miljoen verschuldigd tussen één en vijf jaren (2019: € 65,3 miljoen) en € 94,4 miljoen verschuldigd na vijf jaren (2019: € 70,3 miljoen). In het verslagjaar zijn voor € 20,5 miljoen huurkosten verantwoord (2019: € 19,3 miljoen).

APG Groep is in 2015 langlopende contracten aangegaan met 2 contractpartijen voor de afname van zakelijke dienstverlening. Dit komt voort uit de oprichting van de Brightlands Smart Services Campus in samenwerking met de Universiteit Maastricht en de Provincie Limburg. In deze contracten is een minimumafname verplichting afgesproken. Op 31 december 2020 bedraagt deze minimum afnameverplichting nog € 4,7 mln die  moet worden afgenomen in de komende 5 jaar.

De verplichtingen uit hoofde van langlopende autoleasecontracten bedragen € 7,8 miljoen (2019: € 7,1 miljoen), waarvan € 3,1 miljoen verschuldigd binnen één jaar na afloop van het boekjaar (2019: € 2,7 miljoen) en € 4,7 miljoen tussen één en vijf jaren (2019: € 4,4 miljoen). Er zijn geen verplichtingen verschuldigd na vijf jaren. In het verslagjaar zijn voor € 3,7 miljoen leasekosten inclusief brandstofvoorschot verantwoord (2019: € 4,1 miljoen). De leaseverplichting wordt bepaald exclusief brandstofvoorschot. 

De verplichtingen uit hoofde van onderhouds- en overige contracten bedragen € 32,5 miljoen (2019: € 27,4 miljoen) waarvan € 11,8 miljoen (2019: € 10,0 miljoen) verschuldigd binnen één jaar na afloop van het boekjaar en € 20,7 miljoen (2019: € 17,4 miljoen) verschuldigd tussen één en vijf jaren. Er zijn geen verplichtingen verschuldigd na vijf jaren.

De groep is ultimo verslagjaar investeringsverplichtingen met betrekking tot ICT en software aangegaan ad € 10,7 miljoen (2019: € 4,1 miljoen).

In 2018 is APG Groep langlopend contract aangegaan voor de afname van zakelijke dienstverlening, dit komt voort uit de verkoop van Inovita B.V. De verplichting uit hoofde van dit contract bedraagt € 1,6 miljoen (2019: € 2,9 miljoen), waarvan € 1,0 miljoen (2019: € 1,3 miljoen) verschuldigd binnen één jaar na afloop van het boekjaar en € 0,6 miljoen (2019: € 1,6 miljoen) tussen één en vijf jaren en na 5 jaar bedraagt dit € 0. In het contract zijn minimumafnames overeen gekomen. Indien de werkelijk gerealiseerde afname lager is dan de voor dat moment geldende minimumafname dan heeft APG Groep de verplichting tot het betalen van 30% van het verschil.

Door de verkoop van het verzekeringsbedrijf is er geen sprake van toekomstige commitments in private equity en infrastructuur.
De verplichtingen uit hoofde van afgesloten derivaten ter afdekking van de financiering van de buitenlandse dochters bedragen per balansdatum € 126,6 miljoen (2019: € 121,3 miljoen). De reële waarde van deze derivaten bedraagt per balansdatum € 4,7 miljoen negatief (2019: € 0,5 miljoen positief). De verplichtingen hebben een looptijd van korter dan 1 jaar. In de contractvoorwaarden is de uitwisseling van onderpand opgenomen ter dekking van het afwikkelingsrisico.

Bij APG Groep zijn fiscale eenheden van toepassing, te weten voor de vennootschaps- respectievelijk omzetbelasting. Binnen een dergelijke fiscale eenheid zijn de vennootschappen over en weer hoofdelijk aansprakelijk voor elkaars belastingschulden. Belastingen worden toegerekend op basis van het aandeel van de vennootschappen in de totale belastingen, als ware de vennootschappen zelfstandig belastingplichtig.

Met betrekking tot de performance resultaten uit investeringen die zijn gedaan onder oude mandaten bij een voormalige deelneming, bestaat een recht op nog te ontvangen vergoedingen (carried interest notes bedragen € 0,1 miljoen voor 2020 en € 0,1 miljoen voor 2019). Over de hoogte van de toekomstig te ontvangen vergoedingen bestaat onzekerheid.

Toelichting op de geconsolideerde winst- en verliesrekening

Netto-omzet

  Totaal 2020 Totaal 2019
Beheervergoedingen (11)
 
 
Vermogensbeheer 521.667 492.907
Pensioenuitvoering 219.399 219.748
Totaal
741.066
712.655
 

Overige bedrijfsopbrengsten (12)

Hieronder zijn andere gerealiseerde opbrengsten verantwoord dan de opbrengsten die rechtstreeks voortvloeien uit de uitvoeringscontracten met pensioenfondsen en het vermogensbeheer voor derden.

Gesegmenteerde informatie netto-omzet

  Totaal 2020 Totaal 2019
Netto omzet
 
 
Vermogensbeheer 522.796 494.975
Pensioenuitvoering 240.820 225.920
Verzekeringsbedrijf - 208.816
Ondersteunende bedrijven 91.911 112.529
APG Groep enkelvoudig 57.197 56.074
Eliminaties -149.761 -154.045
Totaal
762.963
944.269
 

De gesegmenteerde informatie is primair overeenkomstig met de juridische structuur van APG Groep waarbij segmentatie plaatsvindt naar APG Asset Management, APG DWS en Fondsenbedrijf en ondersteunende dienstverlening.

Bedrijfslasten

Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten (15)
Deze post betreft onder andere kosten inhuur extern personeel, accountantskosten en advieskosten.

  Totaal 2020 Totaal 2019
Personeelskosten (16)
 
 
Lonen en salarissen 319.478 299.324
Pensioenlasten 34.042 28.389
Sociale lasten 31.146 31.585
Overige personeelskosten 39.763 54.740
Totaal
424.429
414.038
 
Pensioenregeling medewerkers

De pensioenregeling van een groot aantal medewerkers is ondergebracht bij Stichting Pensioenfonds ABP. De aanspraken worden opgebouwd op basis van middelloon en aantal dienstjaren, met voorwaardelijke indexatie. Voor het merendeel van de overige medewerkers is de pensioenregeling ondergebracht bij Stichting Personeelspensioenfonds APG. De aanspraken worden opgebouwd op basis van middelloon en aantal dienstjaren, met voorwaardelijke indexatie. APG Groep heeft geen verplichting tot het doen van aanvullende bijdragen in het geval van tekorten bij deze pensioenfondsen, anders dan het voldoen van toekomstige premies. Op grond van deze zogenaamde toegezegde bijdrage regeling is volstaan met het vermelden van de premie als last.

Voor de meeste medewerkers in het buitenland gelden specifieke regelingen.

Aantal personeelsleden

Bij de groep waren in 2020 gemiddeld 3.013 werknemers in dienst (2019: 2.940), onderverdeeld in de volgende segmenten.

  Totaal 2020 Totaal 2019
     
Directie en staven 433 346
APG DWS en Fondsenbedrijf NV 1.335 1.317
APG Asset Management 919 835
APG Servicepartners 81 91
Ondersteunende eenheden 245 351
Totaal
3.013
2.940
 

In 2020 waren gemiddeld 228 werknemers werkzaam in het buitenland (2019: 194). Deze werknemers zijn allen werkzaam bij APG Asset Management.

Bezoldiging van commissarissen en bestuurders (in euro's)

De bezoldigingen van commissarissen en bestuurders zijn vastgesteld door de algemene vergadering van aandeelhouders.

  Vaste vergoeding Vergoeding lidmaatschap commissies Werkgeverslasten en belastingen Totaal 2020 Totaal 2019
Raad van commissarissen
 
 
 
 
 
Jaap van Manen* - - - - 56.759
Pieter Jongstra 48.211 9.238 12.064 69.513 63.065
Edith Snoeij** 10.539 4.207 3.097 17.843 53.605
Maes van Lanschot 32.183 13.131 9.516 54.830 53.493
Roger van Boxtel 32.106 3.961 7.574 43.641 44.146
Claudia Zuiderwijk 32.184 11.896 9.257 53.337 50.452
Dick van Well 37.448 7.094 9.354 53.896 44.146
José Meijer*** 10.632 1.772   12.404 -
 
* = tot 1 januari 2020
** = tot 27 april 2020
*** = vanaf 5 september 2020

Op basis van EU- en nationale jurisprudentie en gebaseerd op de feiten en omstandigheden, kwalificeert één van de leden van de Raad van Commissarissen niet als ondernemer voor de BTW-regelgeving. Er wordt om die reden door het betreffende lid dan ook geen BTW in rekening gebracht over de vergoeding.

Wim Henk Steenpoorte is per 30 juni 2020 gestopt als lid raad van bestuur voor de portefeuille APG Fondsenbedrijf. De portefeuille APG Fondsenbedrijf is vanaf dat moment onderdeel geworden van de portefeuille van Francine van Dierendonck. Vanaf 1 juli is Wim Henk Steenpoorte als directeur eindverantwoordelijk voor het programma dat de implementatie in kaart brengt van het Nieuwe Pensioencontract (NPC) bij APG. 

De raad van commissarissen van APG Groep heeft 7 september 2020 bekend gemaakt dat Gerard van Olphen zal terugtreden als bestuursvoorzitter van APG. Naast privéredenen voor deze beslissing, ziet hij de nieuwe strategie die is ontwikkeld als een natuurlijk moment om plaats te maken voor een opvolger. Gerard van Olphen blijft tot 1 maart 2021 aan als voorzitter en tot 1 april 2021 als statutair bestuurder. Vanaf april 2021 tot en met juni 2021 zal hij gebruik maken van zijn arbeidsvoorwaardelijk verkregen verlofrechten.

  Directe salarissen Compensatie verlaging pensioen- opbouw Personele lasten Pensioen- lasten Totaal 2020 Totaal 2019
Raad van bestuur
 
 
 
 
 
 
Gerard van Olphen 538.481 74.420 12.751 21.997 647.649 613.315
Wim Henk Steenpoorte* 214.251 27.794 6.376 10.473 258.894 494.219
Annette Mosman 430.785 55.588 12.751 20.946 520.070 494.219
Ronald Wuijster 631.712 84.693 9.891 22.569 748.865 682.649
Francine Roelofsen - van Dierendonck 430.785 55.588 12.751 20.946 520.070 482.180
 
* = tot 1 juli 2020

De kolom Directe salarissen bevat het vaste jaarsalaris, de uitgekeerde vakantietoeslag en uitgekeerde eindejaarsuitkering. De kolom Compensatie verlaging pensioenopbouw vloeit voort uit een generieke regeling binnen APG Groep op basis waarvan de vermindering van de werkgeverspensioenpremie als gevolg van de maximering van de pensioenopbouw (2020: € 110.111 | 2019: € 107.593) toekomt aan de werknemer. De kolom personele lasten bevat de werkgeverslasten, de kolom pensioenlasten bevat de lasten uit hoofde van pensioenpremies.

In bovenstaande tabel zijn de vergoedingen inzake mobiliteit en vitaliteit niet opgenomen (2020: € 98.349 | 2019: € 132.404). De mobiliteits- en vitaliteitsvergoedingen zijn beide onderdeel van de CAO, waarbij met betrekking tot mobiliteit de keuze gemaakt kan worden tussen een vergoeding of een leaseauto en de vitaliteitsvergoeding bijdraagt aan een actieve en gezonde leefstijl. Naast de in bovenstaande tabel opgenomen bedragen, zijn de salarislasten gedurende de driemaands verlofperiode van Gerard van Olphen, voorafgaand aan zijn vertrek in 2021, ter omvang van € 157.843, zoals de verslaggevingsregels voorschrijven reeds in zijn geheel ten laste van het resultaat over 2020 gebracht en opgenomen in de verlofreservering op de balans.

Alle vergoedingen zijn gelijk gebleven behoudens de cao indexatie, die voor alle medewerkers van APG Groep 1,5% bedroeg over 2020 (2,0% miv 1-4-2020). Daarnaast is in 2020, de in het jaarverslag 2019 aangekondigde voorwaardelijke verhoging van Ronald Wuijster, die toegekend kon worden halverwege zijn termijn, geeffectueerd. Zijn nieuwe beloningsniveau blijft daarmee onder de marktbenchmark en 5% onder het niveau van zijn voorganger. Er bestaan geen regelingen omtrent vervroegde uittreding voor de leden van de raad van bestuur.

Er zijn geen leningen, voorschotten of garanties verstrekt aan (voormalig) bestuurders of commissarissen.

  Totaal 2020 Totaal 2019
Afschrijvingen op immateriele en materiele vaste activa (19)
 
 
Afschrijvingen immateriële vaste activa 46.570 47.197
Afschrijvingen materiële vaste activa 8.282 8.432
Totaal
54.852
55.629
 

  Totaal 2020 Totaal 2019
Overige bedrijfskosten (20)
 
 
Huisvestingskosten 30.867 34.394
Automatiseringskosten 84.888 81.886
Overig 10.505 11.948
Totaal
126.260
128.228
 

De post Overig betreft onder andere portikosten, kantoorbenodigdheden, telefoonkosten en overige materiële kosten.

Rentebaten en soortgelijke opbrengsten (21)

De rentebaten betreft met name de gerealiseerde opbrengsten uit betalingskorting vennootschapsbelasting voor € 0,5 mln.

Rentelasten en soortgelijke kosten (22)

De financiële lasten betreffen hoofdzakelijk rentelasten op de rekening courant. Er zijn geen rentelasten en soortgelijke kosten verantwoord (2019: nihil), die betrekking hebben op verhoudingen met verbonden partijen.

Belastingen (23)
De belastingen in de geconsolideerde winst- en verliesrekening zijn als volgt te specificeren.

  Totaal 2020 Totaal 2019
     
Resultaat voor belastingen 47.278 74.902
Belastinglast op basis van toepasselijke belastingtarief in Nederland -11.819 -18.726
Belastingeffect van:    
- Afwijkende toepasselijke belastingtarieven in het buitenland 677 724
- Niet aftrekbare kosten en onbelaste baten 154 -230
Correctie voorgaande jaren 1.890 2.779
Effecten uit hoofde van verkoop Loyalis - 6.381
Aanpassing waardering belastinglatenties door tariefswijziging 4.381 2.667
Belastinglast
-4.717
-6.405
 
Effectieve belastingdruk
10,0%
8,6%
 

Het effectieve belastingtarief wijkt 15,0 procentpunt af van het van toepassing zijnde belastingtarief van 25,0 procent. De lage effectieve druk in 2020 wordt op de eerste plaats veroorzaakt door het feit dat het Vpb tarief op 25% blijft gehandhaafd en als gevolg daarvan de latente belastingvorderingen per einde 2020 tegen 25% worden gewaardeerd. Op de tweede plaats is sprake van een positief effect uit voorgaande jaren dat met name samenhangt met de vrijval van een latente belastingverplichting.

Resultaat deelnemingen (24)
Het resultaat deelnemingen betreft het resultaat van de niet in de consolidatie betrokken deelnemingen.

Toelichting op het geconsolideerde kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Voor de samenstelling van de liquide middelen wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans.

Interest over de liquide middelen is opgenomen onder de ontvangen respectievelijk betaalde interest. Deze posten worden tot de operationele activiteiten gerekend en derhalve als zodanig verantwoord.

De investeringen hebben betrekking op investeringen in inrichting en inventaris, ICT en software.

Onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten is opgenomen de dividenduitkering in de loop van het boekjaar.

 

Gebeurtenissen na balansdatum

Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum.

Overige toelichtingen

Transacties met verbonden partijen

Transacties met verbonden partijen vinden plaats tegen marktconforme condities.

Een deel van de bedrijfspanden is onder marktconforme condities gehuurd van Stichting Pensioenfonds ABP. De totale contractduur bedraagt 12 jaar en 8 maanden, ingaande 1 januari 2008. De kosten bedroegen in het verslagjaar € 6,5 miljoen (2019: € 6,3 miljoen) en zullen voor 2021 € 6,5 miljoen bedragen. De uit deze contractuele relatie ontstane toekomstige verplichtingen zijn begrepen onder de aangegane huurverplichtingen zoals opgenomen in de rubriek niet uit de balans blijkende verplichtingen.

Stichting Pensioenfonds ABP, APG Groep, APG DWS en Fondsenbedrijf, APG Asset Management, APG Service Partners alsmede Entis Holding en Entis vormen samen een fiscale eenheid voor de omzetbelasting. Dit betekent dat de vennootschap hoofdelijk aansprakelijk is voor omzetbelastingschulden van de fiscale eenheid als geheel. Voor wat betreft de vennootschapsbelasting vormt APG Groep een fiscale eenheid met APG DWS en Fondsenbedrijf, APG Asset Management en APG Service Partners. Dit betekent dat deze rechtspersonen onderling hoofdelijk aansprakelijk zijn voor elkaars belastingschulden. De vennootschapsbelasting van de fiscale eenheid wordt aan elke tot de fiscale eenheid behorende vennootschap toegerekend op basis van het aandeel van een vennootschap in de totale vennootschapsbelasting.

Honoraria onafhankelijke accountant

Met ingang van boekjaar 2016 is KPMG Accountants NV de onafhankelijk accountant van APG Groep en haar dochters. De accountantskosten zijn verantwoord onder ‘Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten’.

  Totaal 2020 Totaal 2019
in € miljoen    
Onderzoek van de jaarrekeningen 0,8 0,8
Andere controleopdrachten (w.o. werkzaamheden inzake ISAE 3402) 2,3 2,2
Adviesdiensten op fiscaal terrein - -
Andere niet-controlediensten - -
Totaal
3,1
3,0
 

De accountantskosten voor het onderzoek van de jaarrekeningen betreffen de lasten die toe te rekenen zijn aan het boekjaar.

Onder de andere controleopdrachten zijn voor € 1,5 miljoen (2019: € 1,4 miljoen) de audit gerelateerde werkzaamheden verantwoord ten behoeve van de rapportages aan cliënten van APG Groep in het kader van de dienstverlening door APG Groep. 

 

Enkelvoudige jaarrekening

Enkelvoudige balans per 31 december 2020 (vóór winstbestemming)

In duizenden euro's

  31-12-2020 31-12-2019
ACTIVA
 
 
     
Vaste Activa
 
 
Immateriële vaste activa (1) 2.387 -
Materiële vaste activa (2) 16.640 824
Financiële vaste activa (3) 487.357 512.464
 
506.384
513.288
Vlottende activa
 
 
Vorderingen en overlopende activa (4) 176.375 163.134
Liquide middelen (5) 207.006 314.110
 
383.381
477.244
     
TOTAAL ACTIVA
889.765
990.532
     
PASSIVA
 
 
     
Eigen vermogen (6)
 
 
Gestort en opgevraagd kapitaal 352.649 705.297
Agio 234.900 174
Wettelijke reserves 1.946 3.471
Overige reserves - 1.673
Onverdeeld resultaat boekjaar 41.822 53.405
 
631.317
764.020
     
Voorzieningen (7) (8)
24.990
18.794
     
Langlopende schulden (9)
13.411
13.411
     
Kortlopende schulden en overlopende passiva (10)
220.047
194.307
     
TOTAAL PASSIVA
889.765
990.532
 

Enkelvoudige winst- en verliesrekening 2020

In duizenden euro's

  2020 2019
     
Resultaat deelnemingen na belastingen 53.790 66.484
Verkoopresultaat Loyalis - -14.107
Overig resultaat na belasting -11.968 1.028
     
Resultaat na belastingen
41.822
53.405

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

De enkelvoudige jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving, uitgegeven door de Raad voor de Jaarverslaggeving. De grondslagen voor waardering en resultaatbepaling voor de enkelvoudige jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening zijn gelijk met uitzondering dat deelnemingen in groepsmaatschappijen worden gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode op basis van de nettovermogenswaarde.

Voor de grondslagen van de waardering van activa en passiva en voor de bepaling van het resultaat wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening.

Voor zover posten uit de enkelvoudige balans en de enkelvoudige winst-en-verliesrekening hierna niet nader zijn toegelicht, wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans en winst-en-verliesrekening.

Toelichting op de enkelvoudige jaarrekening

In duizenden euro's 

Vaste activa

Immateriële vaste activa (1)
De immateriële vaste activa hebben betrekking op aangekochte software.

  Software Totaal 2020 Totaal 2019
       
Beginstand - - -
Effect herstructurering 3.543 3.543  
Investeringen 630 630 -
Desinvesteringen - - -
Afschrijvingen -1.786 -1.786 -
Eindstand
2.387
2.387
-
       
Cumulatieve aanschafwaarde 11.397 11.397 -
Cumulatieve afschrijvingen en waarde   - -
verminderingen -9.010 -9.010 -
Boekwaarde
2.387
2.387
-
       
Afschrijvingspercentage 20-25%    
 

Materiële vaste activa (2)
De materiële vaste activa hebben betrekking op inrichting en inventaris in de zin van aangekochte kunst.

Het verloop van deze post is als volgt.

  Inrichting en inventaris ICT Totaal 2020 Totaal 2019
         
Beginstand 824 - 824 818
Effect herstructurering 4.826 10.103 14.929 -
Investeringen 3.715 3.560 7.275 6
Desinvesteringen   - - -
Afschrijvingen -1.330 -5.058 -6.388 -
Waardeveranderingen       -
Eindstand
8.035
8.605
16.640
824
         
Cumulatieve aanschafwaarde 31.072 32.949 64.021 824
Cumulatieve afschrijvingen en waarde     -  
verminderingen -23.037 -24.344 -47.381 -
Boekwaarde
8.035
8.605
16.640
824
         
Afschrijvingspercentage <20% 20-25%    
 

Er zijn geen zekerheden verstrekt.

Financiële vaste activa (3)
De post financiële vaste activa betreft deelnemingen, actieve belastinglatentie en uitgegeven lening. Het verloop van deze post is als volgt.

  Actieve belasting latentie Lening u/g Deelnemingen Totaal 2020 Totaal 2019
           
Beginstand 6.487 4.504 501.473 512.464 989.902
Effect herstructurering 785 - -10.807 -10.022 -
Investeringen en verstrekkingen - 6 30.255 30.261 7.054
Desinvesteringen en aflossingen - -1.463 - -1.463 -443.690
Resultaat boekjaar - - 53.790 53.790 66.484
Uitgekeerd dividend - - -95.867 -95.867 -103.239
Overige mutaties -280 -15 -1.511 -1.806 -4.047
Eindstand
6.992
3.032
477.333
487.357
512.464
 

In de eindstand is opgenomen een actieve belastinglatentie van € 7,0 miljoen (2019: € 6,5 miljoen) en een uitgegeven lening van € 3,0 miljoen (2019: € 4,6 miljoen)

Vlottende activa

  31-12-2020 31-12-2019
Vorderingen en overlopende activa (4)
 
 
Vorderingen op groepsmaatschappijen 81.921 97.793
Vorderingen op verbonden partijen 20.322 -
Debiteuren 84 1.101
Belastingen en premies sociale verzekeringen 216 3.389
Vennootschapsbelasting 44.055 43.076
Cash collateral u.h.v. derivaten 5.282 -
Overige vorderingen en overlopende activa 24.495 17.775
Totaal
176.375
163.134
 

De vorderingen en overlopende activa hebben hoofdzakelijk betrekking op vorderingen op groepsmaatschappijen en vooruitbetaalde bedragen. In de kortlopende vorderingen heeft een bedrag van EUR 4,1 mln een looptijd langer dan een jaar. Er zijn geen zekerheden verstrekt en er is geen rente ontvangen over de vorderingen.

  31-12-2020 31-12-2019
Liquide middelen (5)
 
 
Banktegoeden in rekening courant 127.006 189.110
Deposito's 80.000 125.000
Totaal
207.006
314.110
 

Van de liquide middelen staat € nihil (2019: nihil) niet ter vrije beschikking.

Eigen vermogen (6)

  31-12-2020 31-12-2019
     
Gestort en opgevraagd kapitaal 352.649 705.297
Agio 234.900 174
Wettelijke reserves 1.946 3.471
Overige reserves - 1.673
Onverdeeld resultaat 41.822 53.405
Totaal Eigen vermogen
631.317
764.020
 

Het verloop van het eigen vermogen blijkt uit het volgende overzicht:

  Gestort en opgevraagd kapitaal Agio Wettelijke reserves Overige reserves Onverdeeld resultaat boekjaar
           
Beginstand 705.297 174 3.471 1.673 53.405
Mutaties uit hoofde van winstbestemming - - - 53.405 -53.405
Mutatie wettelijke reserves - - -1.525 - -
Afstempeling aandelen -352.648 352.648 - - -
Kapitaalvermindering uitgekeerd aan aandeelhouders - -90.000 - - -
Uitgekeerd dividend - -27.922 - -55.078 -
Resultaat boekjaar - - - - 41.822
Overige mutaties -   -   -
Eindstand
352.649
234.900
1.946
-
41.822
 

Gestort en opgevraagd kapitaal
In 2020 heeft een vermindering van het geplaatst kapitaal plaatsgevonden, waarbij de nominale waarde is verlaagd van € 1 per aandeel naar € 0,50 per aandeel en is het gestort en opgevraagd kapitaal daarbij verminderd met € 352.648 duizend ten gunste van het agio. Het gestort en opgevraagd kapitaal betreft na verlaging van de nominale waarde het bij oprichting geplaatste kapitaal, bestaande uit 650.000.000 gewone aandelen van € 0,50 nominaal en 55.297.170 gewone aandelen van € 0,50 uitgegeven in 2011 bij de verwerving van de minderheidsbelangen in APG Rechtenbeheer NV (voormalig APG Algemene Pensioen Groep NV) en Loyalis NV.

Agio
Als agio is in voorgaande jaren verwerkt het bij de oprichting betaalde agio alsmede agio als gevolg van kapitaalstortingen en onttrekkingen, inbreng van een dochter tegen reële waarde alsmede agio vanuit de omzetting van leningen van aandeelhouders in eigen vermogen in het kader van de herkapitalisatie van APG Groep. In 2020 is agio verhoogd met € 352,6 miljoen door de vermindering van het gestort en geplaatst kapitaal.  Als resultaat van het in 2019 vastgestelde kapitaalbeleid en de verkoop van Loyalis heeft APG in 2020 een uitkering uit agio gedaan van € 90 miljoen naast het dividend van € 83 miljoen, waarvan € 55 miljoen regulier dividend en € 28 miljoen terugbetaling van agio. 

Wettelijke en overige reserves
In de wettelijke en overige reserves zijn rechtstreekse vermogensmutaties opgenomen die samenhangen de ontwikkeling van de wettelijke reserve omrekenverschillen van € 1,5 miljoen. De reserve omrekeningsverschillen bedraagt ultimo 2020 € 1,9 miljoen (2019: € 3,5 miljoen) en is opgenomen met betrekking tot de buitenlandse deelnemingen.

Onverdeeld resultaat boekjaar
Hieronder is opgenomen het resultaat over het verslagjaar.

Agio, overige reserves en het onverdeeld resultaat boekjaar staan in beginsel ter vrije beschikking. De bepalingen van toezichthouders bij groepsmaatschappijen kunnen leiden tot een beperking in de uitkeerbaarheid van het eigen vermogen respectievelijk het eigen vermogen van APG Groep. Uit dien hoofde kan worden vereist dat het eigen vermogen van groepsmaatschappijen ten minste een bepaald niveau moet hebben. Bij de bepaling van het dividendpotentieel houdt APG Groep rekening met de bepalingen van toezichthouders.

Voorstel resultaatbestemming

Aan de algemene vergadering van aandeelhouders wordt conform het vastgestelde beleid voorgesteld een dividend ad € 74,0 miljoen uit te keren: € 41,8, miljoen van het nettoresultaat en het resterende bedrag van € 32,2 miljoen uit de vrij uitkeerbare reserves.

Voorzieningen (7) (8)

  Belastinglatentie Personeels- gerelateerde voorzieningen Reorganisatievoorziening Totaal 2020 Totaal 2019
           
Beginstand - 2.821 15.973 18.794 19.976
Effect herstructurering 1.795 1.931 4.877 8.603  
Dotaties - 871 6.594 7.465 3.229
Onttrekkingen - -961 -4.657 -5.618 -3.560
Vrijval -1.795 -330 -2.536 -4.661 -851
Overige mutaties - 407 - 407 -
Eindstand
-
4.739
20.251
24.990
18.794
 

Van het totaalbedrag heeft € 7,4 miljoen (2019: € 9,0 miljoen naar verwachting een looptijd langer dan vijf jaar. Naar verwachting komt € 4,8 miljoen in 2020 tot afwikkeling (2019: € 2,6 miljoen)

Langlopende schulden (9)

  31-12-2020 31-12-2019
     
Beginstand 13.411 10.911
Verstrekkingen - 2.500
Aflossingen - -
Totaal
13.411
13.411
 

Van de eindstand heeft een bedrag van € 2,5 miljoen betrekking op financiering door verbonden partijen (2019: € 2,5 miljoen ). Van de eindstand heeft € 10,9 miljoen een restlooptijd groter dan vijf jaar (2019: € 13,4 miljoen). Het rentepercentage is 7,25% per jaar (2019: 7,25% per jaar). Er zijn geen zekerheden gesteld. De reële waarde van de langlopende schulden aan derden bedraagt € 25,6 miljoen (2019: € 24,9 miljoen).

Kortlopende schulden en overlopende passiva (10)

  31-12-2020 31-12-2019
     
Crediteuren 659 11
Schulden aan groepsmaatschappijen 201.453 184.664
Schulden aan verbonden partijen 179 -
Belastingen en premies sociale verzekeringen 4.134 5.012
Schulden terzake van pensioenen 421 204
Vakantiegeld en –dagen 6.499 2.929
Overige schulden 6.702 1.487
Totaal
220.047
194.307
 

Ten aanzien van de schulden aan groepsmaatschappijen is er geen sprake van rente en/of zekerheden. Van de kortlopende schulden heeft € 1,5 miljoen een looptijd van langer dan 1 jaar (2019: € 1,8 miljoen).

Niet in de balans opgenomen verplichtingen en activa

Per balansdatum staat aan verplichtingen uit hoofde van lopende huurcontracten een bedrag van € 158,6 miljoen open (2019: € 0 miljoen), waarvan € 16,5 miljoen verschuldigd binnen één jaar (2019: € 0 miljoen), € 70,0 miljoen verschuldigd tussen één en vijf jaren (2019: € 0 miljoen) en € 72,1 miljoen verschuldigd na vijf jaren (2019: € 0 miljoen). In het verslagjaar zijn voor € 14,7 miljoen huurkosten verantwoord (2019: € 0 miljoen).

APG Groep is in 2015 langlopende contracten aangegaan met 2 contractpartijen voor de afname van zakelijke dienstverlening. Dit komt voort uit de oprichting van de Brightlands Smart Services Campus in samenwerking met de Universiteit Maastricht en de Provincie Limburg. In deze contracten is een minimumafname verplichting afgesproken. Op 31 december 2020 bedraagt deze minimum afnameverplichting nog € 4,7 mln die  moet worden afgenomen in de komende 5 jaar.

De verplichtingen uit hoofde van langlopende autoleasecontracten bedragen € 7,8 miljoen (2019: € 7,1 miljoen), waarvan € 3,1 miljoen verschuldigd binnen één jaar na afloop van het boekjaar (2019: € 2,7 miljoen) en € 4,7 miljoen tussen één en vijf jaren (2019: € 4,4 miljoen). Er zijn geen verplichtingen verschuldigd na vijf jaren. In het verslagjaar zijn voor € 3,7 miljoen leasekosten inclusief brandstofvoorschot verantwoord (2019: € 4,1 miljoen). De leaseverplichting wordt bepaald exclusief brandstofvoorschot. 

De verplichtingen uit hoofde van onderhouds- en overige contracten bedragen € 18,6 miljoen (2019: € 0 miljoen) waarvan € 6,9 miljoen (2019: € 0 miljoen) verschuldigd binnen één jaar na afloop van het boekjaar en € 11,7 miljoen (2019: € 0 miljoen) verschuldigd tussen één en vijf jaren. Er zijn geen verplichtingen verschuldigd na vijf jaren.

De groep is ultimo verslagjaar investeringsverplichtingen met betrekking tot ICT en software aangegaan ad € 10,7 miljoen (2019: € 0 miljoen).

In 2018 is APG Groep langlopend contract aangegaan voor de afname van zakelijke dienstverlening, dit komt voort uit de verkoop van Inovita B.V. De verplichting uit hoofde van dit contract bedraagt € 1,6 miljoen (2019: € 2,9 miljoen), waarvan € 1,0 miljoen (2019: € 1,3 miljoen) verschuldigd binnen één jaar na afloop van het boekjaar en € 0,6 miljoen (2019: € 1,6 miljoen) tussen één en vijf jaren. In het contract zijn minimumafnames overeen gekomen. Indien de werkelijk gerealiseerde afname lager is dan de voor dat moment geldende minimumafname dan heeft APG Groep de verplichting tot het betalen van 30% van het verschil.

Door de verkoop van het verzekeringsbedrijf is er geen sprake van toekomstige commitments in private equity en infrastructuur. De verplichtingen uit hoofde van afgesloten derivaten ter afdekking van de financiering van de buitenlandse dochters bedragen per balansdatum € 126,6 miljoen (2019: € 121,3 miljoen). De reële waarde van deze derivaten bedraagt per balansdatum € 4,7 miljoen negatief (2019: € 0,5 miljoen positief). De verplichtingen hebben een looptijd van korter dan 1 jaar. In de contractvoorwaarden is de uitwisseling van onderpand opgenomen ter dekking van het afwikkelingsrisico. Direct hiermee samenhangende verplichtingen tussen APG Groep NV en APG Asset Management NV zijn door middel van back-to-back agreements geformaliseerd.

* Door de juridische fusie van APG Diensten BV met APG Groep NV per 1 januari 2020 zijn de verplichtingen uit hoofde van huur, onderhoud en investeringen per 31 december 2020 opgenomen. De vergelijkende cijfers zijn niet aangepast.

Transacties met verbonden partijen
Vanuit APG Groep worden kosten doorbelast aan haar dochters APG Asset Management en APG DWS en Fondsenbedrijf. Op deze doorbelasting vindt geen winst plaats, aangezien deze entiteiten binnen dezelfde fiscale eenheid vallen. De totale doorbelasting vanuit APG Groep is € 145,2 miljoen.

Aansprakelijkheidsstelling
Door de vennootschap zijn ten behoeve van een tweetal in de consolidatie betrokken dochterondernemingen aansprakelijkheidsstellingen afgegeven zoals bedoeld in art. 2:403 BW en art. 2:408 BW. De aansprakelijkheidsstellingen hebben betrekking op  APG DWS en Fondsenbedrijf NV te Heerlen en APG Service Partners BV te Heerlen.

Aansprakelijkheid bij een fiscale eenheid
Bij APG Groep zijn fiscale eenheden van toepassing, te weten voor de vennootschaps- respectievelijk omzetbelasting. Binnen een dergelijke fiscale eenheid zijn de vennootschappen over en weer hoofdelijk aansprakelijk voor elkaars belastingschulden. Belastingen worden toegerekend op basis van het aandeel van de vennootschappen in de totale belastingen, als waren de vennootschappen zelfstandig belastingplichtig. Dit betekent dat dochtermaatschappijen ieder aan de moedermaatschappij zullen vergoeden hun aandeel in de verschuldigde belasting naar rato van de belastbare winst van iedere partij vóór toepassing van de regels voor verliesverrekening als bepaald in de Wet Vpb.

Aantal personeelsleden
Bij APG Groep NV waren in 2020 gemiddeld 433 werknemers in dienst (2019: 346), allen werkzaam in Nederland. De stijging is met name het gevolg van de juridische fusie van APG Diensten BV met APG Groep NV in 2020.

Bezoldiging van bestuurders
Voor een toelichting op de bezoldiging van bestuurders wordt verwezen naar de geconsolideerde jaarrekening.

Lijst van kapitaalbelangen
De volgende kapitaalbelangen (100% belangen), met uitzondering van Entis Holding B.V. (76% belang), zijn in de consolidatie betrokken:

In de consolidatie betrokken kapitaalbelangen
 
APG DWS en Fondsenbedrijf NV Heerlen
APG Service Partners BV Heerlen
APG Asset Management NV Amsterdam
APG Asset Management US Inc Delaware
APG Investments Asia Ltd Hong Kong
APG Business Information Consultancy (Shanghai) Co Ltd Shanghai
APG Trading BV Amsterdam
Entis Holding BV Amsterdam
Entis BV Utrecht
 
 
Niet in de consolidatie betrokken kapitaalbelangen
 
Campus Heerlen Huisvesting BV Maastricht
(kapitaalbelang 50%)  
Campus Management & Development BV Maastricht
(kapitaalbelang 33%)  
Hyfen BV Amsterdam
(kapitaalbelang 41,81%)  
Vive Group BV Amsterdam
(kapitaalbelang 3,52%)  
Design Authority BV Amsterdam
(kapitaalbelang 25%)  
 


Heerlen, 2 maart 2021

Change layout to 2 columns

Raad van commissarissen
Pieter Jongstra, voorzitter
Dick van Well, vice-voorzitter
Roger van Boxtel
Maes van Lanschot
José Meijer
Claudia Zuiderwijk

Raad van bestuur
Annette Mosman, voorzitter
Gerard van Olphen 
Francine Roelofsen - van Dierendonck
Ronald Wuijster

Heerlen, 2 maart 2021

Raad van commissarissen 

Pieter Jongstra, voorzitter

 

Dick van Well, vice-voorzitter

 

Roger van Boxtel

 

Maes van Lanschot

 

José Meijer 

 

Claudia Zuiderwijk

 

Raad van bestuur

Annette Mosman, voorzitter

 

Gerard van Olphen 

 

Francine Roelofsen - van Dierendonck 

 

Ronald Wuijster 

Lees hier het hele jaarverslag